Opvoedingssysteem

De Salesiaanse Congregatie in de wereld

Het opvoedingssysteem van Don Bosco
Don Bosco heeft geen pedagogisch traktaat geschreven. Hij heeft decennialang met jongeren gewerkt, heeft geobserveerd, heeft bijgestuurd en heeft geleerd uit de ervaring. Het opvoedingssysteem dat zijn naam draagt, is niet aan de tekentafel ontstaan, maar gegroeid in het dagelijkse contact met duizenden jongeren, van wie velen van de straat, uit de fabrieken of uit de gevangenissen kwamen. Het is een systeem dat diep geworteld is in het echte leven.

Het preventief systeem
Don Bosco noemde zijn opvoedkundige aanpak het "preventief systeem", in tegenstelling tot wat hij zelf het "repressief systeem" noemde. Het verschil is eenvoudig maar fundamenteel: in plaats van te wachten tot de jongere een fout maakt om hem dan te straffen, gaat de opvoeder vooraf naast hem staan, schept hij een gunstig klimaat, voorkomt hij negatieve situaties en begeleidt hij de groei met aanwezigheid en vertrouwen.
Dit systeem steunt op drie woorden: rede, religie en liefdevolle goedheid.
De rede betekent dat elke regel, elke vraag, elke grens moet worden uitgelegd en begrepen. De opvoeder legt niets van bovenaf op, maar gaat in dialoog, motiveert en overtuigt. De jongere is geen subject dat gedisciplineerd moet worden, maar een persoon die in staat is te begrijpen en te kiezen.
De religie moet niet louter devotioneel worden opgevat, maar als verwijzing naar een levensvisie die zin en richting geeft. Don Bosco was ervan overtuigd dat een integrale vorming niet zonder de spirituele dimensie kan: niet als uiterlijke verplichting, maar als aanbod dat de jongere helpt zijn eigen identiteit op te bouwen.
Deliefdevolle goedheid is misschien wel het meest kenmerkende begrip. Ze betekent niet gewoon vriendelijk of toegeeflijk zijn, maar met de jongere een authentieke relatie aangaan, gemaakt van waardering, nabijheid en oprechte belangstelling voor zijn leven. Don Bosco zei dat het niet volstaat de jongeren graag te zien: zij moeten het ook voelen.

De opvoedende aanwezigheid
Een van de meest concrete elementen van het systeem van Don Bosco is de aanwezigheid van de opvoeder te midden van de jongeren. Niet achter een lessenaar of een loket, maar op de speelplaats, in de spelen, in informele gesprekken. Don Bosco noemde deze stijl "assistentie", maar niet in de zin van toezicht: het was een betrokken aanwezigheid, die relaties schiep en de leegte voorkwam waarin negatief gedrag kan ontstaan.
Deze aanwezigheid maakt van het opvoedingsmilieu iets wat op een familie lijkt: een plek waar men elkaar kent, elkaar graag ziet en elkaar helpt.

Een systeem dat nog altijd actueel is
Bijna twee eeuwen later wordt het preventief systeem nog steeds toegepast in duizenden salesiaanse werken in de wereld. Niet omdat het onveranderd is gebleven, maar omdat de fundamentele principes ervan bestand zijn tegen veranderende contexten: de centrale plaats van de relatie, het respect voor de persoon en het vertrouwen in de groeimogelijkheden van elke jongere zijn waarden die niet verouderen.
Don Bosco had iets wezenlijks begrepen: een jongere die zich bemind en gerespecteerd voelt, heeft al de helft van de weg afgelegd. De taak van de opvoeder is hem te helpen de andere helft af te leggen.